#267: De intake bij psychosomatische fysiotherapie

Ik ben jarig vandaag. De buren komen langs in de ochtend. Ik ben super nerveus want ik weet niet of ik het bezoekje wel aankan en ik moet in de middag naar de fysio voor een intake. Die afspraak kwam onverwacht; ik stond op de wachtlijst en moest nog 6 weken wachten maar gisteren werd ik opeens gebeld omdat er een uitvaller was.

Ik heb maar “ja” gezegd want anders moest ik nog zo lang wachten. Jammer dat ik nu jarig ben en eigenlijk de hele dag wilde gaan niksen nadat de buren weer weg zouden zijn.

Nog meer buren

Er is nog een stressfactor want andere buren weten óók dat ik jarig ben en die wilde ik ook uitnodigen maar zoveel mensen tegelijk, dat kan ik niet aan. Maar ja, zij wonen tegenover me en hebben vast wel gezien dat die eerste buren al langskomen. Dus die denken nu vast dat ze niet mogen komen. #volwassenmandieonzekeris #gedachtenvooranderemenseninvullen. Godver wat een gedoe, zo’n verjaardag.

(Advertentie)

Ik stuur ze een berichtje dat ze morgen mogen komen, omdat ik te veel bezoek tegelijk niet aankan. Goed zo Martin, kies voor jezelf. Morgen is ook prima. Fijn. Mooi. Heb ik net de kerstdagen en oud & nieuw overleefd, ben ik weer jarig. Pfoeh!

Als de buren weg zijn kan ik naar Leeuwarden gaan voor de intake. De huisarts heeft mij psychosomatische fysiotherapie geadviseerd, en dat leek me een goed idee. Mijn lichaam komt niet makkelijk tot rust en ik heb voortdurend allerlei duizelingen. Ik moet echt iets met mijn lichaam doen. Die stressrespons gaat veel te snel aan en veel te langzaam weer uit.

De drie wijzen tijdens een lichtjestocht in het dorp.
foto: ©2022 kakikhebeenburnout.nl

De intake duurt een heel uur. Ik ben verrast over hoe veel vragen er gesteld worden. Ik ben wel eens vaker bij fysiotherapeuten geweest maar die leggen je meteen neer en beginnen te kneden. Hier kwam alles aan bod: het “aan” staan en niet meer “uit” kunnen, slaapproblemen, duizelingen in het hoofd, uitgeput zijn, hoe alles gekomen is, prikkelen en ontprikkelen, (over)belasting, wat de geschiedenis is van de afgelopen jaren, wat ik wil, wat ik verwacht, en noem maar op.

Ook krijg ik vier vragenlijsten opgestuurd, waaronder ook de 4DKL lijst die ik zelf sowieso al om de zoveel tijd invul. Na de intake zal een advies volgen. Ik heb echt het gevoel dat ze me kunnen helpen, of op zijn minst een advies kunnen geven over wat ik moet doen.

Omdat het gesprek zo lang duurt voel ik mezelf langzaam instorten, ik raak steeds vermoeider, staar steeds vaker naar de muur dan dat ik de fysiotherapeut aankijk. Mijn hoofd gaat duizelen. Shit, waarom kan ik nou niet eens even een uurtje praten? Oh ja, ik had al een uur gepraat met de buren onder het genot van een gebakje.

Liggend rusten

Op zeker moment vertel ik over het boek “Je vermoeidheid te lijf” (zie blog #240) en dat ik ben begonnen om te proberen om regelmatig liggend te rusten. Ik denk niet dat de therapeut het boek kent, maar tot mijn verbazing blijkt dat ze het wél kent, en dat ze de OR-methode uit het boek zelfs regelmatig gebruikt bij allerlei patiënten!

Ze zegt dat ik dus eigenlijk al ontzettend goed bezig om mijn eigen behandeling van start te laten gaan. Als de intake is afgelopen ben ik blij. Volgens mij ben ik op de goede weg en krijg ik nu begeleiding bij dit alles, én ze gaan ook nog naar lichamelijke zaken kijken zoals houding, spierspanning, ademhalen, etc. Ik ben heel benieuwd wat dit mij gaat brengen.

Ik heb mij voorgenomen om met overtuiging dit jaar te gaan herstellen (zie ook blog #266). Misschien niet 100%, maar wel 80%. Ik geef ook aan bij de therapeut dat ik niet per sé hoe te werken, geen druk leven hoef te hebben, als ik maar op zijn minst goed slaap, geen rothoofd meer heb en sociale activiteiten kan doen.

Want dat is wat ik wil. Geen rothoofd meer hebben. Als ik vaak moe ben of vaak moet huilen, PRIMA! Maar dat rothoofd en het slechte slapen moeten wel opgelost worden. Van daaruit zal de rest vanzelf allemaal beter worden.

Ik weet het nu

Ik weet nu voor het eerst sinds mijn burnout begon, nu zes en een half jaar geleden, waar ik aan toe ben. De eerste jaren waren een chaos van bizarre lichamelijke en geestelijke klachten. En mijn leven was veel te stressvol. Nu is er geen stress meer en wordt langzaam alles helder.

Het is mij nu duidelijk dat mijn stressrespons te snel aan gaat en te langzaam uit gaat. Als hij “aan” staat voel ik niet zo veel en ga ik over mijn grenzen omdat ik geen moeheid voel. Ik heb maar weinig energie en dat gaat veel te snel op, maar vaak voel ik dat dus niet.

De oplossing is: beter slapen, reserves opbouwen, beter ontprikkelen, belasting beter verdelen en lichaam tot rust laten komen. En bij al die dingen krijg ik nu hopelijk begeleiding.

Nadat de intake is afgelopen sta ik natuurlijk weer “aan”. Ik sta zo gigantisch “aan” dat het voelt alsof er een steen in mijn hoofd zit. Deze steen voelt heel anders dan het vermoeide, duizelige hoofd. Ik ga een half uur buiten wandelen en dan op de bank zitten met mijn ogen dicht.

(Advertentie)

Dit heb ik al vaker gemerkt; als ik “aan” sta zit er een steen in mijn hoofd, en als ik “uit” sta ben ik moe, wat meer ontspannen en duizelig, maar de steen is dan weg. Het duurt een paar uur, maar langzaam gaat de steen weer weg en ga ik “uit”. De standaard moeheid en duizelingen komen terug. Ik ben dan weer terug bij “normaal”.

Ik ben blij dat ik de intake heb gedaan, ik ben blij dat ik het verschil tussen “aan” en “uit” nu kan herkennen en beïnvloeden. We gaan aan de slag. Met goede moed ga ik eten koken en vroeg naar bed, want ik ben doodmoe.

Mijn verjaardag is voorbij. Ik ben nu 51. Ik moet huilen. Ik ga de goede kant op. Als ik 52 word dan zal ik me vast een stuk beter voelen.

Volgende keer

Volgende keer: wat ik moet leren als ik ooit weer ga werken.

Bekijk reacties op deze blogpost of reageer zelf via Instagram.